Een Balinees weet altijd waar hij is. Hij weet altijd de richting naar de de zee, de richting naar de bergen, hij weet waar de zon opkomt en ondergaat. Orientatie is namelijk door het Hindoeïsme heel belangrijk in het dagelijks leven van de Balinees. De inrichting van de huizen en dorpen op Bali zijn gebaseerd op de richting van de bergen, de zee en de zon.
De richtingen Kaja en Kelod
Zo wordt de richting naar de Gunung Agung, de grootste en heilige berg op Bali, Kaja genoemd. Daar huizen de hindoe goden. De Gunung Agung ligt redelijk centraal op Bali. Kaja is dus in het noorden voor de Balinesen die in het zuiden wonen en in het zuiden voor diegenen die in het noorden wonen. Kelod is zeewaarts en minder heilig, zelfs onrein. De tweede belangrijkste richting na Kaja is kangin, het oosten, daar waar de zon opkomt. Het omgekeerde daarvan is dan weer kauh, het westen, daar waar de zon ondergaat.
Dorpen, tempels en huizen zijn Kaja-Kelod georienteerd
Als je door een Balinees dorp loopt moet je eens opletten waar de tempels staan. Je zult dan zien dat een dorp kaja-kelod georienteerd is. De begraafplaats en de Pura Dalem tempel (die tempel is voor Shiva, de vernietiger van het leven)) liggen in de richting van kelod, de zee. De Pura Peseh (De tempel voor Vishnu, de beschermer van het leven) is richting kaja, de bergen. Het water, dat zorgt voor leven, komt namelijk uit de bergen.
Zo is ook ieder huis kaja-kelod georienteerd. De keuken, afvalstortplaats, graanschuur en dierenverblijven zijn richting kelod of kelod-kauh. De familietempel is dan weer richting kaja of kangin. Het hoofd van de familie slaapt in het gebouw dat het meest kaja of kangin ligt en ook slapen de Balinezen met hun hoofd richting de heilige berg. Ook de indeling in de tempels en van grotere offers zijn kaja-kelod georienteerd.
Een Balinees in het buitenland
Voor een Balinees is het dus heel belangrijk om te weten waar hij is voor zn geloof. Hij weet dan of hij in harmonie is met zn omgeving. Als hij in een ander land is voelt hij zich ook helemaal gedesorienteerd. Zo schreef Bali- expert Fred Eiseman in zijn boek Sekala en Niskala dat hij een vriend heeft die zich zelfs na twee jaar na zijn verhuizing naar de Verenigde staten nog steeds irriteerde dat de zon in het zuiden laag stond. De zon staat op Bali namelijk alleen in het oosten en westen laag (Bij zonsopkomst en zonsondergang). Voor zijn gevoel bleef het zuiden dus het oosten.
Mocht je dus ooit verdwalen op Bali en je vraagt de weg, dan moet je niet verbaasd zijn als ze zeggen dat je na 10 meter richting kelod of kaja moet gaan en vervolgens mee met de bocht richting kauh.