Mijn visum verliep en ik moest ik het land uit. Tijd dus voor een zogenoemde ‘visarun’. Theo en de kinderen hebben een kitas dus die kunnen voor eeuwig op Bali blijven, maar omdat ik twee maanden geleden per se naar Singapore mee wilde moet het hele proces bij mij weer opnieuw. Ik moest dus in mijn eentje het land uit en das was wel echt even heel fijn. Ik vloog om 7 uur s’ochtends en de volgende dag s’avonds weer terug en had dus bijna 2 dagen in Kuala Lumpur. Ja, wat heb ik gedaan?
Thean Hou Temple, de mooiste Chinese tempel van Kuala Lumpur
Natuurlijk de toeristische highlights, dus eerst naar Little India (Brickfields) waar ik lekker Indiaas eten heb gegeten. Daar had ik net als in Singapore weer het gevoel alsof je even in India bent met alle geuren en kleuren. Van daaruit liep ik naar de mooiste Chinese tempel van Kuala Lumpur, de Thean Hou Temple. Deze tempel is geweid aan de Chinese zeegodin Mazu. Zij is een belangrijke godin voor taoistische mensen die vlak bij zee wonen of vaak op zee zijn, dus overal ter wereld waar veel Chinezen in de buurt van de zee wonen vind je tempels waar zij wordt vereerd. En in Kuala Lumpur zie je veel Chinezen.

Zo sliep ik dus ook in Chinatown. Ik dacht daar even heen te lopen maar Google maps en de werkelijkheid waren het niet helemaal eens.. Moest ik dus gvd weer helemaal terug lopen naar die metrohalte. Zeiknat was ik van het zweet. Het is daar echt heel vochtig en warm. Kuala Lumpur is dus niet echt een ‘loopstad’. Naja goed ik kwam dus uiteindelijk aan in mijn goedkope krotkamertje en heb ik even een dutje gedaan in de heerlijke koude airco.
Jamek Moskee en het vrijheidsplein
Eenmaal weer wakker liep ik een beetje rond in Chinatown en ben ik naar de Jamek moskee gelopen. Deze ligt op een plek waar de twee rivieren, Klang en Gombak, samenkomen en Kuala Lumpur is ontstaan. Op deze plek was veel tin te vinden en mijnwerkers en (Chinese) handelaren waren de eerste bewoners die de stad de naam Kuala lumpur, wat ‘modderige rivieren’ betekent, gaven.

Even verderop ligt het vrijheidsplein. Op dat plein werd voor het eerst de Maleisische vlag (Een van de hoogste vlaggenmasten van de wereld) gehesen op 31 augustus 1957. Maleisie werd toen onafhankelijk van de Engelsen nadat het ruim 4 eeuwen een Portugese, Nederlandse en Engelse kolonie was geweest.
Daarna weer snel mn hotelkamer in om weer af te koelen in de airco…. Eenmaal afgekoeld kon ik niet meer lopen nadat ik die dag al 20 km erop had zitten, dus heb ik de Grap (soort Uber) gepakt naar Bukit Bintang. Op advies van de chauffeur ben ik naar Jalan Alor gegaan. Dat is een straat met allemaal eetstalletjes en restaurantjes. Heel gezellig en echt heel erg lekker eten. Toen zat ik nog te denken om in mn eentje uit te gaan maar ik was kapot en ben maar gaan slapen. Ik kon niet meer.
Batu caves, de mooiste tempel van Kuala Lumpur
In Maleisiƫ heb je dus een speciale stekker nodig die ik niet had. Mijn telefoon was dus bijna leeg en ik kon niet opladen. Daarnaast had ik geen internet tegoed. Ik dacht dat ik het wel uit zou houden 2 dagen zonder, maar dat is dus best wel een beetje kut. Maar goed, ik werd dus vroeg wakker en heb de receptionist maar een Grap laten bestellen naar de Batu Caves. Dat is een hindu tempel in een grot van 400 meter lang en 100 meter breed. Heel indrukwekkend. Je moet eerst wel even 272 treden op en de apen ontwijken, maar dan kom je wel( bezweet) in een van de mooiste tempels van Maleisie.

Voor die gigantische lange gekleurde trap staat een beeld van de oorlogsgod Murugan. Hij is de zoon van Shiva. De grottempel is naar hem gewijd en is een pelgrimsoord voor hindoes. Binnen in de grot worden Hindoeistische ceremonies gehouden met muziek, rook en water.
Shopping mall
En toen moest ik dus weer terug naar de stad, maar zonder telefoon kon ik geen grap bestellen. Ik heb toen aan een Nieuw zeelandse familie gevraagd of ik met ze mee mocht rijden in hun Grap. En dat kon gelukkig. Ze hebben me afgezet bij de Petronas towers (de bekende twin towers) waar een shopping mall zit. Ik was natuurlijk weer half overhit dus een shopping mall met airco was precies wat ik nodig had. En ik wist dat daar een grote boekenwinkel was (En dat mis ik wel eens op Bali). Na een tijdje rondstruinen, boeken kopen en afkoelen ben ik weer met de tram en de trein naar het vliegveld gereden. Daar heb ik heerlijk aziatisch geluncht en een speciale stekker gekocht zodat ik mijn telefoon kon opladen. Na 2 keer een massagestoel te hebben genomen was ik weer klaar om terug te vliegen naar Bali.